Celibataire Divas en ik

Zeer blij deel te mogen nemen aan deze tentoonstelling. Komt dat zien!

De abdij van Herkenrode buiten de Hasseltse stadsmuren was gedurende eeuwen een ongezien machtscentrum. De Cisterciënzerinnen bezaten omwille van de bedevaart van de bloedende hostie vanaf 1317 een ongekende spirituele en wereldlijke macht.
Het Herkenrode Refugehuis binnen de stadsmuren was een toevluchtsoord voor in woelige tijden.
De tentoonstelling CELIBATAIRE DIVAS staat via een bijzondere selectie van internationale en actuele kunstwerken stil bij de bijzondere leefwereld van deze geëmancipeerde vrouwen.
Stap binnen in een unieke historische locatie, uitzonderlijk toegankelijk en ontdek een beklijvende scenografie. Met A LONG WALKING, een sociaal artistiek project, stapt de Hasseltse bevolking actief mee in deze tentoonstelling.

Nieuwjaarsbrief 2015 - De indexsprong

Ieder oudjaar komen we met vrienden samen om het nieuwe jaar te vieren. Het is ondertussen traditie geworden dat iedereen een nieuwjaarsbrief schrijft en voorleest. Dit was mijn brief voor 2015.

Beste vrienden,

Ik fiets nog steeds. Meer zelfs, ik heb me dit jaar een heuse racefiets gekocht. Tjah, dacht ik, nu ik toch ambtenaar ben, kan ik maar beter gaan fietsen om vier uur. 
Met deze racefiets vlieg ik door Vlaamse wegen met de tong op het stuur, de kont op het zeemvel en een hartslag waar menig Gentse culturele iconen jaloers op zouden zijn. 
Al moet ik zeggen dat de eerste pedaalslagen niet direct een groot succes waren.
Ik weet het nog als de dag van 271 dagen geleden. De fiets is net thuis geleverd en ik kijk hem vol bewondering aan. Enige onrust bekruipt mij als ik kijk naar de klikpedalen.
“Toch even testen die handel”, denk ik. Ik trek mijn gloednieuwe fietsschoenen aan, zet mij op de fiets, klik enkele keren in en uit, verstel de pedalen en probeer het nog een keer. “Fluitje van een cent”, stel ik vast.
Even in de straat rijden dan maar. Klik links, afduwen, klik rechts en trappen. Na 50 meter draai ik de bocht om. Een auto rijdt net een oprit op en staat dwars over de weg. Ik reageer sneller dan Alexander De Croo op het woord “vermogensbelasting” en wijk uit. Net dan, begint de auto de andere richting uit te rijden en verloopt alles in slow motion. Ik zwenk de andere kant op, ga in de remmen en kom ruim op tijd tot stilstand. “Super”, denk ik, … en zie dan mijn klikpedalen. Ik doe nog een hopeloze poging maar val langzaam omver. 100 meter gefietst en ik lig al met mijn klikken en pedalen op het asfalt.
Niets vermoedend parkeert de auto ondertussen rustig verder terwijl ik, met fiets tussen de benen, wild lig te spartelen met mijn vuist in zijn richting en woorden gebruik die zelfs Theo Francken niet op Facebook durft plaatsen. Eén voet zit nog altijd vast en probeer ik los te wrikken. Het bloed stroomt naar mijn hoofd van woede (al kan het ook van schaamte geweest zijn). Nu moet ik eerlijk zeggen dat ik ook dacht: “Dit is een selfie waard!”.

Ondertussen ziet de chauffeur mij toch liggen, komt erbij staan en herken ik wie het is. “Neen, niet opnieuw”, denk ik bij mezelf (zie nieuwjaarsbrief 2014). Het is Kris Peeters. Kris buigt voorover en vraagt: “Zijde gevallen mijne jongen?”. Het wordt rood voor mijn ogen en zeg “Neen, mijn beste man, zolang er geen sociaal akkoord is kom ik hier uit protest regelmatig liggen met mijn fietsbuis tegen de ballen.”, terwijl ik nog altijd mijn voet probeer los te rukken.
De Vlaamse Clooney blijft mij onbegrijpend aanstaren.
Gefrustreerd roep ik uit: “God waarom heb je mij verlaten!”. En op dat moment komt Bart De Wever aangelopen. Gekleed in een veel te wijde blauwe jogging. “Dit kan niet waar zijn”, zucht ik. ... Selfie!

“Riep er mij iemand?” vraagt hij. “Ach, wie we hier hebben, de fietser! En Kriske is er ook al bij zie ik.”
“Wa vinden jullie van mijne jogging? Niet helemaal mijn maat maar ik heb hem gekregen van Maggie De Block” en begint prompt koket rond te paraderen.
Met open mond staar ik naar zijn gekronkel ...

 en zeg: “Bart jongen, al had je hem gekregen van Elio Di Rupo na een nachtelijke wandeling door het Citadelpark in Gent. Het zal mij worst wezen.”
“Ja ja, dat zij Elio ook” zegt Bart, “en niet veel later hadden we een centrumrechts regeringsakkoord”.
“Alstublieft, Bart! Als je me niet direct helpt steek ik bij jou mijn drinkbus op een plaats waar Maggie en Elio het ofwel zou behagen of het niet eens zou merken!”
“Oei-joei, ge wordt precies wa bleekskes.” zegt Bart en richt zich tot Kris.
“Peeters, haal eens een glas water voor onze fietser hier want straks valt hij in zwijm”.
Bart begint verwoed te frunniken aan mijn schoen en klikpedaal. Ondertussen begint mijn ander been te slapen, mijn schouder lijkt wel uit de kom en mijn hoofd bonkt van de pijn. Half bij mijn zinnen hoor ik roepen: “Bart, Bart! Eindelijk, ik heb u gevonden!”. Ik draai mijn hoofd en zie Gwendolyn Rutten uit haar auto stappen. “Ook dat nog” jammer ik. 

“Bart het is gelukt! Ik heb een eisprong! Ik heb een eisprong! Volgens mij zijn het zelfs meerdere!” zegt Gwendolyn.
“Lyntje” antwoord Bart “wat kraam jij nu allemaal uit. Zie je niet dat ik onze fietser hier aan het redden ben?”
“Maar Bart,” dringt ze aan “ik heb gezorgd voor een eisprong. Dat stond toch in ons regeerakkoord?”
Bart kijkt Gwendolyn aan en zegt: “Moh gij dwaze kalle! Een indexsprong, een indexsprong hebben we onderhandeld! Geen eisprong!”
Gwendolyn schrikt, deinst achteruit en botst tegen Kris die net terug komt met een glas water in zijn hand. Het glas valt in scherven op de straat.
“Moede nu wa weten?” zegt Bart tegen Kris.
“Ons Gwenny hier heeft in plaats van onze economie haar eierstokken zitten stimuleren!”
Ondertussen is Bart er wel in geslaagd mij te bevrijden en sukkel ik recht.
“Vriendjes, het was een blij weerzien maar ik moet er vandoor. Bedankt voor de hulp.” Ik stap op mijn fiets geef twee trappen en rij recht in de scherven van het glas.
“Ik geef het op.” stamel ik en stort neer. Berustend verlies ik het bewustzijn en fluister “Maria, onze lieve vrouw van genade. Ontferm u over mij”.
“Sssssst.” hoor ik zacht “Ssssssst, c’est moi.” zegt ze en Elio bet mijn voorhoofd.

De kronkels in mijn brein

Ieder oudjaar komen we met vrienden samen om het nieuwe jaar te vieren. Het is ondertussen traditie geworden dat iedereen een nieuwjaarsbrief schrijft en voorleest. Dit was mijn brief voor 2014.

Beste vrienden, soms maakt mijn brein nogal rare kronkels. Er ontstaan hersenspinsels die ik maar moeilijk kwijt raak en dan ga ik wat fietsen om de gedachten te verzetten. Want met het juiste verzet kom je al een gans eind. Al zorgt mijn oriëntatievermogen ervoor dat dat eind soms wat verder ligt dan gepland en ik aan kilometer 100 begin te hallucineren van vermoeidheid.

Ik weet dan ook niet meer zeker of het volgende allemaal echt gebeurd is. Laat ons zeggen dat het gebaseerd is op waargebeurde feiten.

Het weer was goed, de kop was fris maar de benen iets minder. Ik moest een voetgangersbrug oversteken en zag op de oever aan de overkant een vrouw staan. De vrouw was van het volronde type en stond voorovergebogen met haar bloot achterwerk in mijn richting.

“This must be my lucky day,” dacht ik en vergat even dat ik een nauwaansluitende fietsbroek aan had.

Toen viel mijn oog op twee mannen die een paar meters verder stonden. Ik meende bij de mannen Oost-Europese trekken te herkennen maar dit was moeilijk te zien met één oog. De één had een smoezelige pet op en de andere was aan het kauwen op een brandnetel. Illegalen, dat kon niet anders. Ongelovig schudde ik even met mijn hoofd en keek terug naar de vrouw.

Onder de indruk van haar rubensiaans volume en haar ontblote in- en uitgangen dacht ik: “Mijn god, Maggie De Block is op plastische wijze ons uitwijzingsbeleid aan uitleggen aan enkele illegalen!”

Nieuwsgierig stapte ik af en vroeg: “Zeg Maggie, vertel mij eens, wat sta je hier in al uw liberale glorie te doen?”

“Ik wil terug in contact komen met mijn ware ik,“ zei Maggie.

“Maar meiske toch,” zei ik. “En dat wil je bereiken door met uw groots wit portaal de schaduw te verdrijven?”

“Goh ja, ik weet het niet goed meer,” zei Maggie. “Soms begin ik aan mezelf te twijfelen.”

“Maar enfin,” zei ik. “Het leven lacht u toe. België ligt aan uw, voor uzelf weliswaar onzichtbare,  voeten. Ge zijt de populairste politica van het land!”

“Ik weet het,” zei ze. “Maar ik wil het contact met de burger niet verliezen.”

“Welke burger? Een bicky burger?” vroeg ik.

“Smeerlap,” zei ze met haar hoofd tussen de benen. “Ik bedoel de gewone man uit de straat. Jan met de pet.”

“Maar ik heet niet Jan,” kwam de illegaal met de pet tussen. “Ik heet Dimitri.”

“Neen, neen je snapt het niet mijn beste man. Je hebt duidelijk de inburgeringscursus nog niet gevolgd,” zei ik en terwijl ik het probeerde uit te leggen kwam Bart De Wever al joggend aangelopen.

“Bart jongen,” zei ik. “Praat jij eens met Maggie want ze gaat zich in het verderf storten.”

“Maggie, trek uw broek op!” zei Bart. “Het zijn nu nog geen verkiezingen.” Maar Maggie gaf geen kik.

“Ge kunt hier toch niet zo blijven staan? Sta recht en ik geef je de eerste plaats op  mijn lijst.” Bart keek nog eens goed naar Maggie en zei toen “Allee, de eerste twee plaatsen dan.”

“Ach Bart,” zei Maggie. “Ik mis het contact met de burger.”

“Mmmmmmm, een Bicky Burger, dat is lang geleden,” zei Bart.

“Godverdomme, gij ook al? Is dit het enige waar jullie kunnen aan denken?” riep Maggie nog steeds voorovergebogen en ondertussen serieus rood aangelopen in het aangezicht.

“Bah, precies ne socialist,” zei Bart op de grond spuwend.

“Riep er mij iemand?” Plots sprong vanuit het bosje achter Maggie, Bruno Tobback tevoorschijn.

“Miljaarde, sta jij daar al de ganse tijd?” vroeg Maggie.

“Toch een tijdje,” zei Bruno. “Ik was aan het wandelen met Louis, mijn buldog en ik moest plassen.”

“Dat maak je mij niet wijs,” zei Bart. “Jullie waren voorakkoorden aan het sluiten!”

“Ei, Weverke!” riep Maggie. “Denk je nu echt dat ik voorovergebogen met mijn broek op de knieën ga staan onderhandelen over een voorakkoord?”

“Ik verschiet van niks meer nu Elio premier is,” zei Bart.

Ondertussen was ik nog steeds in gesprek met de twee illegalen.

“Zeg, ik liet daar net mijn oog op jullie vallen en zou dat nu willen terug hebben,” zei ik.

“Geen sprake van,” antwoorden de illegalen. “Eerst willen we zekerheid dat we in het land mogen blijven.“

“Maggie gaat ons het land uitzetten. We willen onderhandelen,” zei Dimitri.

“Ga ja gang,” en ik wees naar Maggie. “Maggie staat op dit moment open voor alle voorstellen.”

“Helaba, hier wordt niks onderhandeld!“ zei een schelle stem achter me. Ik keek en zag dat dat Gwendolyn Rutten er bij was komen staan.

“Gwendolyn, meiske,” zei ik. “Met alle respect voor uw gedachtengoed maar kijk naar Maggie. Het gaat niet goed. Zelf komt ze er niet uit. Ge moet haar helpen!”

“Maggietje, wat sta jij daar nu te doen,” riep ze uit. “Ge zijt ons boegbeeld! Onze rots in de branding. De hoeksteen, allee ja, de fundering van onze partij! Laat uw hoofd niet hangen en pas trouwens op voor de hond van Bruno, hij begint precies te kwijlen.”

“Dit loopt hier uit de hand! Die hond is voor geen gat te vangen,” riep ik uit.

“Rustig, rustig,” zei een zwoele mannenstem. We draaiden ons allemaal om en zagen Kris Peeters uit een vissersbootje stappen nippend aan een Nespresso. Allee, eigenlijk was het Senseo uit den Aldi maar dat kon onze Vlaamse Clooney niet deren.

“Ziede wel,” brieste Bart. “Voorakkoorden zeg ik je. Voorakkoorden! Het is verdomme altijd hetzelfde! Ik doe niet meer!” en hij liep weg.

Gwendolyn, Bruno en Kris keken elkaar aan zeiden “Tjah, we gaan het hier weer zelf mogen oplossen zeker?”

Ondertussen was het hoofd van Maggie blauw van inspanning geworden.

“Maggie ge hebt uw kleur terug!” riep ons Gwenny. Maggie rechtte haar rug, trok haar broek op en zei tegen de illegalen, “Kom wij moeten eens praten en geef diene fietser zijn oog terug.”

“Bon, vriendjes,” zei ik. “Ik zou graag verder willen fietsen. Kunnen we afronden? Bruno, jij zorgt dat Johan uit de wind gezet wordt. Kris, vraag nekeer aan Wouter af da goe is dat ge premier wordt en Gwendolyn begin maar alvast na te denken voor welke regeringsbeslissingen je je zal excuseren. Ik moet er vandoor maar pas op want ik zie Wouter Van Besien aankomen met zijn elektrische fiets. Succes aan iedereen!” 

Moraal van het verhaal beste vrienden? Euhm, …, … ‘k weet het eigenlijk zelf niet goed. Dit jaar zijn er weer verkiezingen en ook daar weet ik het eigenlijk nog niet zo goed.

Maar ik wens iedereen alvast wat kronkels in jullie brein!

Tentoonstelling Pas-Par-Toutes

Mijn volgende tentoonstelling:

Pas-par-toutes

kunstgalerij De Mijlpaal
brugstraat 45, 3550 Heusden-Zolder
www.demijlpaal.com

hedendaagse & etnische juwelen
9-10-11 november 2013:  bijzonder openingsweekend
9 november tot 12 januari:  tentoonstelling
Wie ben je? Wat draag je? Wat past bij jou?

Juwelen zijn bij uitstek symbolen om identiteit aan te tonen: het is als een lievelingskledingstuk dat heerlijk zit, tijdloos is en dat je niet wilt verliezen. Het is een uitdrukking van wie je bent, en misschien ook van wie je wilt zijn. Juweelontwerpers  en kunstenaars maken juwelen (meestal) met het oog op dragen – maar toch is elk juweel niet zomaar een passepartout.  Elk sieraad vertelt een verhaal over status en stijl, mentaliteit, karakter en cultuur – van de maker, maar nog meer van de drager.
Welk juweel past bij jou?  Om dat te weten, zul je moeten passen. Proberen.Passen.
Daarom nodigen we iedereen uit om tijdens de tentoonstelling Pas-par-toutes langs te komen en de vele juwelen – zowel etnisch als hedendaags- uit te proberen.
De uitnodigingskaart is ook een paspoort waarmee je – met name tijdens het openingsweekend – met juwelen kunt experimenteren zoveel je wilt. Van juwelen uit alle delen van de wereld tot opvallende stukken van hedendaagse ontwerpers: alle objecten vertellen tijdens deze tentoonstelling een verhaal over harmonie tussen object en lichaam.
Het openingsweekend van 9-10-11 november staat  in het teken van uitproberen en passen, en dat met aangepaste muziek en een drankje.